Wie gebruikt intellectuele eigendomsrechten in België en wat is hun economische impact?

Volgens een recente econometrische analyse van het gebruik van systemen ter bescherming van de intellectuele eigendom (IP) in België, wordt IP-activiteit geassocieerd met een toename van de groei met 1 tot 4 procent in absolute termen. In vergelijking met de prestaties van vergelijkbare ondernemingen die niet actief zijn via intellectuele eigendomsrechten, wijst deze stijging op een krachtig hefboomeffect.

Op vraag van de FOD Economie en het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom onderzochten KU Leuven en Idea Consult het profiel van de bedrijven die in België intellectuele eigendomsrechten (IPR) bezitten en hun prestatieniveau, in vergelijking met gelijkaardige bedrijven die dit type activa niet bezitten.

Een reeks van 15.193 ondernemingen (d.i. 3 procent van de economische actoren) die over de periode 2010-2019 over IER in België beschikken of hebben beschikt, diende als basis voor het werk en waarop de gepubliceerde resultaten zijn gebaseerd. Tot de intellectuele-eigendomsrechten behoren octrooien, handelsmerken, tekeningen en modellen en kwekersrechten. Hieronder volgen enkele kerncijfers uit de econometrische studie over het profiel van ondernemingen die intellectuele-eigendomsrechten bezitten:

  • Van de bedrijven die actief zijn op het gebied van de intellectuele eigendom, alle sectoren samengenomen, zijn de overgrote meerderheid kmo’s (84 procent, hoewel zij 99,8 procent van het economische landschap uitmaken)
  • Hoewel de gemiddelde waarde van de intellectuele-eigendomsrechten per onderneming 5,4 bedraagt, heeft de helft van deze ondernemingen slechts één intellectueel-eigendomsrecht; 6 procent van de ondernemingen maakt veel uitgebreider gebruik van intellectuele-eigendomsrechten en bezit meer dan tien intellectuele-eigendomsrechten elk
  • Van de vormen zoals octrooien, merken of modellen, zijn merken het belangrijkst, aangezien 90 procent van de ondernemingen die actief zijn op het gebied van intellectuele eigendom ten minste één merk hebben geregistreerd, meestal beperkt tot de Benelux-landen; slechts 25 procent van de ondernemingen bezit ten minste één Europees merk;
  • 17 procent van de IP-actieve bedrijven heeft ten minste één octrooi
  • Een statistische analyse heeft het mogelijk gemaakt een aantal representatieve clusters te identificeren, wat heeft geleid tot de vaststelling van (niet-exclusieve) typische profielen:

  • De meest voorkomende combinatie van intellectuele-eigendomsrechten is de combinatie van handelsmerken en octrooien (64 procent van de intellectuele-eigendomsrechten samen)
  • Volgens hun NACE-code stellen wij ook vast dat meer dan de helft van de ondernemingen die minstens één octrooi bezitten, actief zijn in technologische sectoren zoals
    • 36 procent: sector C - Industrie
    • 20 procent: sector M - Gespecialiseerde, wetenschappelijke en technische activiteiten
  • De meeste octrooibedrijven hebben een internationale dimensie.

De auteurs van de econometrische studie analyseren ook de prestaties van elk van de IP-actieve ondernemingen ten opzichte van ondernemingen van vergelijkbare grootte en activiteitensector binnen een reeks van 474.315 ondernemingen zonder IPR. Zonder de vraag naar het oorzakelijk verband op te lossen, spreken de cijfers voor zich:

  • IP-rechten gaan hand in hand met een grotere groei, die voor IP-actieve bedrijven in absolute termen 1 tot 4 procent hoger ligt;
  • Voor de technologiesector blijkt de combinatie van octrooi- en merkrechten het meest effectief te zijn voor de economische groei, via een 4 procent hogere groei in absolute termen.

Hebt u vragen over intellectuele eigendom? Neem contact op met de Sirris-octrooicel!

De econometrische studie downloaden kunt u hier.

De samenvatting vindt u hier.